Voor 16:00 besteld? Morgen in huis* | Gratis bezorgd in NL vanaf € 50,- (daaronder € 4,95) | Winkel nabij Rotterdam | Vragen? Bel 010-226 38 68

Tag: Japan

Sumo (Japan)

Sumo of sumoworstelen is een traditionele Japanse worstelsport die meestal wordt beoefend door zeer zwaarlijvige mannen. De worstelpartij vindt plaats in een cirkelvormig deel van een kleibodem en gaat gepaard met vele rituelen. De Japanners beschouwen Sumo als een moderne krijgskunst; het is daarbij een populaire sport die vaak op televisie uitgezonden wordt. Behalve in Japan begint de populariteit van de sport ook toe te nemen in andere landen.

de geschiedenis

De sumo traditie is zeer oud, waarschijnlijk is de sport ontstaan uit een Koreaanse vechtsport, Ssireum genaamd, die aan het Japanse keizerlijke hof geïntroduceerd werd door een Koreaanse prins in ballingschap. Deze sport werd behalve door het hofleven ook door de gewone bevolking beïnvloed, en bevat vele rituele elementen die stammen uit de godsdienst Shinto.

Sumo is onlosmakelijk verbonden met het Japanse keizershuis, de keizer is immers het hoofd van Shinto. Sommigen interpreteren daarom de korte, explosieve worstelingen tussen de rikishi (worstelaars, letterlijk kracht-mannen) als gevechten tussen twee kami (godheden), en de rivaliteit tussen de stallen als rivaliteit tussen universele krachten. Rikishi worden als geluksbrengers gezien. Het aanraken van een rikishi zou zorgen voor kracht en voorspoed en de rikishi worden dan ook binnen en buiten toernooien soms door fans lastiggevallen.

Er zijn twee manieren om een partij sumoworstelen te winnen:

– De tegenstander raakt binnen de cirkel de grond met een ander deel van zijn lichaam dan zijn voetzolen. Ook het haar geldt hierbij als lichaamsdeel.
– De tegenstander raakt de grond buiten de cirkel.

Het doel is dus om ervoor te zorgen dat de tegenstander zich niet binnen de cirkel op zijn voeten kan handhaven.

Nunchaku-do (China & Japan)

Nunchaku-do is een gevechtssport met de nunchaku, twee stokken door middel van een touw of ketting met elkaar verbonden. De oorsprong van deze martial art is niet exact bekend. Waarschijnlijk was de nunchaku oorspronkelijk een landbouwwerktuig dat werd gebruikt in het China van de 13de en 14de eeuw. De martial arts is naar alle waarschijnlijkheid in China ontstaan en in Japan doorontwikkeld. De sport telt vier onderdelen: de Kumite (één tegen één gevecht), Freestyle (showelement), de Kata (bepaalde serie technieken) en Jutsu (zelfverdediging).

Kumite

Dit is het onderdeel waarbij men een één tegen één gevecht levert met de nunchaku. Het doel is niet om elkaar k.o. te slaan maar om de tegenstander op bepaalde plaatsen te raken met de juiste techniek. Men heeft allebei een helm en een toque op/om. Punten maakt men door elkaar te raken, dat mag op alle plaatsen, behalve onder de knie, in het kruis en op de nek/hals. Op het hoofd is het toegelaten aangezien men een helm opheeft. Voordat men probeert te scoren is het noodzakelijk om twee overpakkingen te maken. Dat wil zeggen dat men twee keer van hand moet wisselen. Hiervoor zijn verscheidene manieren, en geregeld worden er nieuwe uitgevonden die zelfs de uitvinders van Nunchaku niet voor mogelijk zouden hebben gehouden. Variatie in de overpakkingen is nodig, anders wordt men bestraft met een half punt tegen, chui. Een chui wordt ook gegeven als men buiten de mat komt of te hard slaat. De wedstrijden duren twee-en-een-halve minuut of tot dat er iemand zes punten heeft. Eén punt heet een Waza-Ari, en krijgt men voor een bijna technisch volledig goed uitgevoerde score. Een ippon telt voor twee punten, men krijgt een ippon als men een technisch moeilijk uit te voeren techniek met succes uitvoert of als men:

– De ander ontwapent.
– De ander zijn wapen laat vallen.
– Een goeie block-counter maakt.

Block-Counter

Een aanval wordt niet altijd beloond met een Waza-Ari, de slag kan te hard zijn, worden ontweken of worden geblockt. Bij een block neem je de twee uiteinden van de nunchaku vast en probeert men de aanval van de andere af te weren. Bij een succesvolle block mag men onmiddellijk counteren en een nieuwe aanval inzetten. Hiervoor zijn geen twee overpakking noodzakelijk als men de counter binnen de seconde maakt. Bij een succesvolle block-counter wordt een ippon gegeven.

Freestyle

Een freestyle duurt 1 of 2 minuten, waarbij men niet gebonden is aan een te volgen serie technieken. Het gaat vooral om zoveel mogelijk ‘show’ te geven door de technieken met de nunchaku’s perfect te beheersen. De jury velt haar oordeel op basis van de snelheid, het ritme, gebruik van twee nunchaku’s enz…

Kata

Kata’s zijn techniekseries die in een precieze volgorde achter elkaar moeten worden afgewikkeld. Deze bestaan in bijna alle gevechtssporten. Het gaat er hierbij om dat je de overpakkingen mooi en correct uitvoert, dat je de nunchaku niet laat vallen en dat je het op een goede snelheid doet. De jury geeft hiervoor een beoordeling.

Nunchaku-jutsu

Nunchaku-jutsu is de zelfverdedigingskunst met de nunchaku, en concentreert zich op het meer realistischer gebruik van de nunchaku. Men leert zichzelf verdedigen met de nunchaku tegen aanvallen van andere wapens zoals; stokken, messen, zwaarden, stoten en trappen. Deze stijl is ontworpen door mensen met jiu-jitsu achtergrond.

Chui’s en Keikoku’s

Een chui is een straf, onder de vorm van een half punt tegen. Men krijgt een chui voor:

– Te weinig variatie in je overpakkingen
– Te hard slaan
– 2 keer buiten de wedstrijdruimte komen

Bij een tweede fout krijgt men Keikoku, een Waza-Ari tegen. Bij een derde fout een Keikoku 2, een ippon tegen. Na een vierde fout word je gediskwalificeerd.

Ninjutsu (Japan)

Ninjutsu, ofwel ‘de kunst van verbergen’, is een Japanse vechtkunst, ontwikkeld door bewoners van de bergstreken in de voormalige provincie Iga (het huidige Mie) en Koka (in Shiga) uit hun kennis van jacht- en vechttechnieken. Ninjitsu is een veel voorkomende foutieve spelling. ‘Jitsu’ betekent ‘waarheid’ en heeft in deze context weinig te maken met het onderwerp. Ninjutsu werd ontwikkeld als antwoord op de samoerai, de bijna almachtige krijgers klasse in Japan die alleen verantwoording hoefden af te leggen aan hun heer, de shogun. De beoefenaars van ninjutsu werden ninja’s genoemd. De meeste ninja waren evenwel zelf samoerai.

oorsprong

Ninjutsu ontstond ergens tussen de 12de en 15de eeuw. Speciale Ninjutsu technieken zijn het verborgen blijven, ontwijken, dwaalsporen uitzetten en vergaren van informatie. Ook werd geoefend in vermommingen, ontsnappingen, camouflage, medicijnen en giffen, explosieven en wapens, vooral boogschieten, zwaardvechten en behendigheid met de shuriken (ook wel bekend als werpster). De technieken werden in het geheim beoefend. Er zijn slechts drie geheime manuscripten uit de 16de en 17de eeuw overgebleven: de Shoninki, Bansenshukai en Ninpiden genaamd.

tegenwoordig

Ninjutsu wordt tegenwoordig ook als verdedigings- en gevechtssport beoefend. Hiervan bestaan verscheidene varianten afhankelijk van de club. De ene baseert zich meer op karate, de andere op jiu-jitsu. Uiteraard wordt een aantal vaardigheden niet meer onderwezen (denk aan explosieven, giffen, enzovoort). De lengte van de opleiding varieert ook van club tot club en land tot land. Enkel verantwoording afleggen aan één heer is er tegenwoordig uiteraard niet meer bij en in het geheim trainen lijkt wel iets uit een andere dimensie. Sommige clubs houden er echter toch een soort erecode op na en bepaalde technieken worden slechts aan gevorderden onthuld.

Ninjutsu is vooral bekend door de talloze rollen van ninja’s in films. Meestal spelen zij de slechteriken, uitzonderingen uiteraard daargelaten. Ook de zogenaamde Ninja Turtles waren fervente beoefenaars van deze Japanse martial art.

K-1 (Japan)

K-1 is een vechtsport die technieken van onder andere het thaiboksen, taekwondo, karate, kung-fu, kickboksen en het traditionele boksen combineert. De ‘K’ staat voor karate, kung-fu en kickboksen. De term K-1 is afgeleid van F-1 of Formule 1. Net als F-1 bij autosport staat K-1 voor de hoogste klasse in de vechtsport. De sport werd geïntroduceerd door Kazuyoshi Ishii in 1993 in Japan. In 1993 werd voor het eerst een K-1-wedstrijd op televisie uitgezonden.

Elk jaar worden er in de hele wereld K-1 toernooien gehouden om te bepalen welke acht vechters aan de K-1 World Grand Prix in Japan mogen meedoen. De finale werd t/m 2006 elk jaar in het Tokyo Dome in de Japanse hoofdstad Tokyo gehouden en in 2007 en 2008 in de Yokohama Arena. De winnaar van de finale wint $ 400.000,-.

Sinds de start van de K1-wedstrijden hebben de Nederlanders het K-1 toernooi gedomineerd. De Nederlanders hebben tot nu toe 13 van de 16 edities gewonnen.

Regels:

– Een wedstrijd duurt normaal 3 rondes van 3 minuten. Bij gelijkspel wordt hier een ronde aan toegevoegd. Als de wedstrijd na deze ronde nog niet is beslist, wordt er nog een ronde aan toegevoegd. Een wedstrijd bestaat uit maximaal 5 rondes.
– Er kan worden gewonnen op punten, door knockout of technisch knockout en door opgave.
– Het is de vechters toegestaan naar het lichaam, de benen of het hoofd te schoppen of slaan.
– Het is de vechters toegestaan knieën te maken naar het lichaam, de benen of het hoofd.
– Het is de vechters toegestaan werptechnieken te gebruiken
– Het gebruik van elleboogtechnieken is verboden.
– Clinchen is niet toegestaan. Het kortstondig vastpakken van de tegenstander met het doel een knie of stoot te maken, is echter wel toegestaan.
– Er wordt niet op de grond doorgevochten.

Winnaars K1:

1993 Branko Cikatic
1994 Peter Aerts
1995 Peter Aerts
1996 Andy Hug
1997 Ernesto Hoost
1998 Peter Aerts
1999 Ernesto Hoost
2000 Ernesto Hoost
2001 Mark Hunt
2002 Ernesto Hoost
2003 Remy Bonjasky
2004 Remy Bonjasky
2005 Semmy Schilt
2006 Semmy Schilt
2007 Semmy Schilt
2008 Remy Bonjasky
2009 Semmy Schilt
2010 Alistair Overeem
2013 Mirko Filipovic

Kobudo (Japan)

Kobudo (Japan) is de verzamelnaam voor de modernere (na circa 1900) vormen van de klassieke Japanse krijgskunst van het eiland Okinawa. In tegenstelling tot wat algemeen verondersteld wordt, zijn de wapens die in het Kobudo gebruikt worden niet afgeleid van boerderijgereedschappen. Boeren hadden niet de tijd of de energie om zich te verdiepen in het gebruik van gereedschap voor de vechtsport. Verder zou een burger met dit soort gereedschap niet veel kunnen uithalen tegen een getraind professioneel strijder met echte wapens. Kobudo is gevormd door doordachte technieken die voorkwamen binnen de Aji (de adel) en met technieken die zijn overgenomen van diverse Chinese martial arts.

Enkele voorbeelden van kobudowapens zijn:

– Bo: 183 cm lange stok.
– Sai: kleine drietand waarbij de middelste ‘tand’ beduidend langer is dan de andere twee.
– Nunchaku: twee (houten) stokken die door middel van een ketting met elkaar verbonden zijn.
– Kama: houten wapen in de vorm van een zeis.
– Tonfa: 45 cm lange stok met een kort handvat dat er haaks opstaat.
– Katana: zwaard.
– Handbo: houten stok met ongeveer dezelfde lengte als de katana maar dan zonder zwaardvorm.
– Tambo: 45 cm lange stok (korte bo)

Kickboksen (Japan en VS)

Kickboksen (Japan en VS)Kickboksen is een vechtsport waarbij zowel de handen als de benen mogen worden gebruikt. De sport kent zijn oorsprong in Japan en de Verenigde Staten, waar het begin jaren ‘70 populair werd. Het kickboksen in de U.S.A. is ontstaan als systeem om verschillende stijlen vechtsporters zich met elkaar te laten meten. Het kickboksen in Japan heeft zich van harde karatestijlen uit ontwikkeld met invloeden van het Muay Thai.

Bij kickboksen worden de stoten van het boksen gecombineerd met de trappen uit sporten zoals karate en taekwondo. Toch is de manier van trappen afkomstig uit het muay thai anders. Dit verschil wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de verschillende vormen van competitie. Bij taekwondo draait het om het scoren van punten, terwijl je bij muay thai iemand zo hard mogelijk wilt raken. Elleboogstoten zijn in het kickboksen, anders dan bij de traditionele vorm Muay Thai (Thaiboxing), niet toegestaan.

Kickboksen gebeurt in een ring. De deelnemers dragen handschoenen, scheenbeschermers worden afhankelijk van de bond gedragen tijdens nieuwelingenpartijen. Het kickboksen is opgedeeld in een viertal klassen, te weten:

– N-klasse (nieuwelingen)
– C-klasse
– B-klasse
– A-klasse

Wanneer men bevorderd wordt naar een hogere klasse verschilt per kickboksbond. Vaak besluit de vechter zelf of de trainer dat hij klaar is voor een hogere klasse.

Kickboksen in Nederland is eerder afgeleid van de Japanse variant en lijkt meer op Thaiboxing dan op het Amerikaanse Full-Contact. Het kickboksen in Nederland lijkt op het van televisie bekende K1, alleen mag er wel geclincht worden. Hoe snel de clinch opgebroken wordt is afhankelijk van de klasse en kickboksbond en bij sommige wedstrijden zijn elleboogstoten ook toegestaan, men spreekt dan van Thaise regels of full muay thai.

In het kickboksen zijn er verschillende wedstrijdvormen:

– Het semi-contact (pointsfighting): Het is de bedoeling te scoren door trap-en stoottechnieken. Een trap op het hoofd is 2 punten waard, een gesprongen trap naar het hoofd 3 punten, een trap naar het lichaam 1 punt en een gesprongen trap naar het lichaam 2 punten. Elke stoot is 1 punt waard. Telkens als er een punt gescoord wordt, wordt de wedstrijd stilgelegd.

– Het light-contact (continuous): Je scoort punten door middel van trappen en stoten en je blijft continu doorvechten tot de vooropgestelde tijd en het aantal rondes voorbij is. De wedstrijd wordt slechts af en toe stilgelegd wanneer er een foute techniek gebeurt (waarschuwing of minpunt) gegeven wordt. De winnaar is diegene met het meeste aantal punten aan het einde van het gevecht, of wanneer er een knock-out plaatsvindt.

– Het full-contact: Bijna hetzelfde als light-contact, enkel gaat het er hier meestal iets harder aan toe. Knock-outs zijn meer frequent.

– Forms / kata’s: Je doet alleen een oefening die beoordeelt wordt door een jury. Hij/Zij met de meeste punten wint.

Materialen

Voor kickbokstraining zijn er verschillende materialen benodigd. Belangrijkst zijn de bokshandschoenen en andere beschermers, zoals scheen-wreef-beschermers, een gebitsbeschermer en kruisbeschermer. Voor de versteviging van de handen worden elastische bandages gebruikt. Hoewel meestal niet verplicht dragen de meeste beoefenaars traditionele pantalons of muay thai shorts tijdens de trainingen. Op deze site hebben we een complete set in de aanbieding voor een zeer scherpe prijs.

Tijdens de trainingen wordt er vaak gebruik gemaakt van bokszakken, hiervoor zijn speciale zakhandschoenen ontwikkeld omdat normale bokshandschoenen op de zak beschadigd raken. Verder hoort in elke gym wel een aantal Thai pads aanwezig te zijn om de harde trappen op te oefenen. Hiervoor kan men ook de grotere trapkussens gebruiken.

Lees mees uitgebreide informatie op onze zustersite: www.muaythai.nl

Kendo (Japan)

Kendo (Japan), wat ‘Weg van het Zwaard’ betekent, is een moderne Japanse martial art van zwaardvechten, gebaseerd op het traditionele Japanse Kenjutsu. Het is een fysiek en mentaal uitdagende activiteit dat de normen en waarden van martial arts combineert met sport-elementen. Deze Japanse zwaardvechtkunst is in de 16de eeuw ontwikkeld om een groot aantal verschillende technieken te verenigen.

moderne Kendo

Het moderne Kendo is echter pas in de tweede helft van de 20ste eeuw ontwikkeld. Een beoefenaar van de sport wordt kendoka genoemd. Sinds 1975 wordt het concept van Kendo als volgt verwoord: “het disciplineren van het menselijk karakter door het toepassen van de principes van Katana”. Kendo is dus oefening in zelfdiscipline terwijl Kenjutsu daarentegen een echte gevechtstechniek is.

Kendo komt voor uit de samoeraitraditie van het feodale Japan en lijkt daarmee opt aanverwante martial arts als iaido en jodo. Het is de moderne sportvariant van het kenjutsu. Evenals judo, karate, aikido etc. behoort kendo tot het budo. Vooral in Japan, de Verenigde Staten, Duitsland en Frankrijk wordt de sport beoefend. Ook buiten Japan heeft Kendo grote bekendheid gekregen. In Nederland wordt kendo al ruim 25 jaar beoefend en is er in de meeste grote steden wel dojo te vinden.

de sport

Kendo wordt onderwezen met ‘zwaarden’ gemaakt van gespleten bamboe, (shinai) geheten. De beoefenaar (kendoka) draagt een uitgebreid beschermend harnas (Bogu). Bij het kenjutsu en ‘kendo kata’ worden boken (houten zwaarden) en katana (stalen zwaarden) gebruikt. In het moderne kendo zijn twee soorten aanvallen: slagen en stoten. Slagen zijn alleen toegestaan op bepaalde delen van het lichaam: de bovenkant en slapen van het hoofd, de rechter- en linkerzijde van het lichaam en de onderarmen. Stoten mogen alleen op de keel zijn gericht; of op de bovenkant van de borstplaat, bij wijze van verdediging, of om de tegenstander weg te stoten om daarna naar bijvoorbeeld het hoofd aan te vallen. Aangezien een verkeerd geplaatste stoot op de keel verwondingen kan veroorzaken wordt deze techniek op beginnersniveau veelal niet toegepast en pas later geïntroduceerd.

Bij wedstrijden worden alleen punten toegekend wanneer de aanvallen goed, gecontroleerd en vastberaden worden uitgevoerd. Ook moet de aanvaller met een (Japanse) kreet (kiai) aangeven welk lichaamsdeel hij aanvalt. Wanneer bijvoorbeeld het doel het hoofd van de tegenstander is, moet de kreet ‘men’ worden geslaakt. Bij een aanval op de pols moet ‘kote’ geroepen worden Een aanval op de romp gaat vergezeld met ‘do’ en bij een stoot op de keel van de tegenstander moet ‘tsuki’ geroepen worden. Winnaar is degene die als eerste twee punten (ippon) scoort.

De Internationale Kendo Federatie (IKF) is opgericht in 1970 en heeft leden in 44 landen. Iedere 3 jaar worden wereldkampioenschappen gehouden.

Karate-do (Okinawa – Japan)

Karate-do (Okinawa – Japan) Karate, voluit eigenlijk Karate-do is een krijgskunst (martial art) die zijn oorsprong vindt in de provincie Okinawa, dat tegenwoordig aan Japan toebehoort. Karate is vooral een staande krijgskunst met de nadruk op stoottechnieken, traptechnieken, knie- en elleboogslagen (in sommige stijlen) en open hand technieken, zoals meshandslagen.

Er zijn een aantal stromingen of stijlen binnen Karate-do en elke heeft zijn eigen specifieke uitvoering van technieken en basisoefeningen, hoewel de basisprincipes min of meer gelijk zijn. Naast de slagen en trappen worden ook worpen, verwurgingen, klemmen en drukpunttechnieken beoefend in enkele stijlen.

Karate betekent letterlijk ‘lege hand’ in de Japanse taal. Het begrip bestaat uit twee ‘kanji’ karakters: ‘kara’ en ‘te’. Iemand die karate beoefend noemt men een karateka. Het woord ‘ka’ is een achtervoegsel voor Japanse krijgskunstenaars. Meer voorbeelden hiervan zijn: budo-ka, judo-ka en jiujitsu-ka.

Materialen
Bij Karate maakt men altijd gebruik van een uniform, de zogeheten gi. Deze is een stuk flexiber en lichter dan de vergelijkbare judo gi. Verder gebruikt men tijdens het oefenen de nodige beschermers: een gebitsbeschermer, kruisbeschermer, scheenbeschermers en open handschoenen. In sommige scholen en stijlen gebruikt men zogeheten safety equipment: handschoenen en voetbeschermers.

Judo (Japan)

Judo (Japan) kan letterlijk worden vertaald als “galante manier”. Het is een Japanse vechtsport die is ontstaan aan het einde van de 19de eeuw. Het belangrijkste onderdeel is het competitieve element waarbij het doel is om de tegenstander op de grond te werpen of om een elleboog klem of verwurging toe te passen. Slagen en stoten maken ook onderdeel van judo maar alleen in bepaalde patronen die we kata noemen. Tijdens een wedstrijd zijn slagen en stoten niet toegestaan. De filosofie en de pedagogie die zijn ontwikkeld voor judo zijn model komen te staan voor bijna alle Japanse vechtsporten die zijn voortgekomen uit de traditionele scholen. Beoefenaars van judo worden judoka genoemd.

Stijlen
Kano Jigoro’s Kodokan Judo is de meest populaire en best bekende stijl van judo maar het is zeker niet de enige. De termen judo en jiujitsu waren vroeger vaak door elkaar te gebruiken maar tegenwoordig zijn er echt afgebakende stijlen te onderscheiden:

Olympisch Judo
Braziliaans Jiu-Jitsu
Judo-do
Kawaishi-ryu jujutsu
Kosen Judo
Russisch Judo
Sambo
Materialen
Bij judo maakt men eigenlijk maar gebruik van bijzonder weinig materialen. Een judopak, gi genoemd, met bijbehorende band is voldoende om te beginnen met trainen.

Jiu-Jitsu (Japan)

Jiu-jitsu betekent letterlijk de “kunst van de zachtheid” maar kan beter worden omschreven als “soepele techniek”. Het is een collectieve naam voor Japanse martial arts stijlen waarin gewapende en ongewapende technieken aan bod komen. Jiujitsu is ontstaan naast de samurai in het feodale Japan als een methode om gewapende en ongewapende opponenten te verslaan zonder daarbij zelf gebruik te maken van een wapen. De meest effectieve technieken om een opponent uit te schakelen zijn te vinden in worpen en klemmen. Deze technieken werden ontwikkeld rondom het principe om de energie van de aanvaller tegen hem te gebruiken.

Er zijn vele variaties op deze vechtsport die leiden naar verschillende methodes. Jiujitsu scholen gebruiken alle vormen van grijptechnieken. Vele scholen hebben het gebruik van wapens opgenomen in hun leerstof. Tegenwoordig wordt Jiujitsu nog steeds op dezelfde manier beoefend als honderden jaren geleden. Afgeleide sporten zijn onder meer de Olympische sport judo en het Braziliaanse Jiu-Jitsu.

Materialen

Bij Jiu-Jitsu maakt men altijd gebruik van een gi. Deze is feitelijk hetzelfde als een judopak. Verder gebruikt men tijdens het oefenen de nodige beschermers: een gebitsbeschermer, kruisbeschermer,scheenbeschermers en open handschoenen. Soms maakt men ook gebruik van oefenwapens, zoals bijvoorbeeld een houten mes of stok.

  • 1
  • 2

Copyright ©2019 MuayThai.nl. Alle rechten voorbehouden.